Parodontitis wordt gedefinieerd als aanwezigheid van pathologische pockets gelijk of meer is dan 4 mm met aanhechtingsverlies.
1. Classificatie op basis van uitgebreidheid van de aandoening: |
||
| permanente en gemengde dentitie | melkgebit | |
| incidenteel | 1 element | 1 element |
| locaal | 2 -7 elementen | 2 - 4 elementen |
| semi-gegeneraliseerd | 8 - 13 elementen | 5 - 9 elementen |
| gegeneraliseerd | 14 of meer elementen | 10 of meer elementen |
2. Classificatie op basis van ernst van de aandoening: |
||
| mild | Bij alle aangedane gebitselementen botafbraak kleiner dan 1/3 van de wortellengte of aanhechtingsverlies tot 3 mm. | |
| matig | Bij 2 of meergebitselementen botafbraak meer dan 1/3 maar minder dan de 1/2 van de wortellengte of aanhechtingsverlies 4 tot 6 mm. | |
| ernstig | Bij 2 of meer gebitselementen botafbraak meer dan 1/2 van de wortellengte of aanhechtingsverlies meer dan 6 mm. | |
3. Classificatie op basis van leeftijd: |
||
| Prepuberale parodontitis | 12 jaar en jonger | |
| Juveniele parodontitis | 13 - 20 jaar | |
| Postadolescente parodontitis | 21 - 35 jaar | |
| Adulte Parodontitis | 36 jaar en ouder | |
4. Classificatie op basis van klinische kenmerken: |
||
| Necrotiserende parodontitis | Interdentale gingivale necrose, bloeding en pijn | |
| Snel Progressieve Parodontitis | Gedocumenteerde snelle parodontale afbraak onafhankelijk van de leeftijd d.w.z. patiènten met op de aangedane plaatsen een progressie van 1 mm of meer approximaal aanhechtings-/botverlies per jaar | |
| Refractaire Parodontitis | Gedocumenteerde geen of bijna geen pocket-diepte reductie bij éénwortelige elementen na een goed uitgevoerde initiële behandeling en/of voortschrijdende parodontale afbraak ondanks alle mogelijke goed uitgevoerde parodontale behandelingen | |
© 2000 - 2026 Dentalkennisplein | / realisatie: Arjen IJff & De Goudse Wolf